Open mal technieken
Zoals de naam aangeeft wordt bij deze technieken een mal in de vorm van het te maken product gebruikt waarop de kunststof wordt aangebracht bijvoorbeeld d.m.v. handlamineren (hand lay up). Dikwijls wordt eerst een laag lossingsmiddel (meestal was) op de mal aangebracht. Daarna wordt de eerste harslaag (gelcoat, eventueel met kleurpigmenten) opgebracht en daarop de glasvezelmat gelegd. Door rollen en kloppen wordt de glasvezelstructuur verzadigd met hars en wordt de ingesloten lucht verwijderd. Hars en vezels worden herhaald opgebracht totdat de gewenste materiaaldikte is verkregen. Na het uitharden wordt het product uit de mal ‘gelost’. Andere open mal technieken zijn vezelspuiten, wikkelen en gieten.
Bij vezelspuiten (spray up) wordt gelijktijdig hars en glasvezels op de mal gespoten. Door middel van aanrollen wordt het materiaal verdicht en ontlucht. Wikkelen wordt toegepast voor het maken van holle (cylindrische) producten, zoals buizen, tanks en drukvaten. Met een draaibanksysteem of een via een elektronische besturing wordt een met thermohardende hars doordrenkte glasvezelbundel (glasroving) volgens een bepaald patroon om een cylindrische mal gewikkeld. Het aantal wikkelingen bepaalt de wanddikte.
Spuitwikkelen is het gelijktijdig toepassen van wikkelen en vezelspuiten op een ronddraaiende kern. Deze techniek wordt gebruikt voor de productie van landbouwsilo’s. Het gieten van polyester-/epoxyharsen wordt in beperkte mate uitgevoerd.
Gesloten mal technieken
Hierbij worden twee mallen op elkaar gezet met het glasvezelpakket ertussen, waar de hars vervolgens doorheen stroomt. Door middel van drukinjectie of vacuüminjectie kan de hars tussen de mallen worden gebracht (wordt ook wel aangeduid als resin transfer molding- of RTM-proces). De uitharding van de polyesterhars vindt plaats in de mal. Bij zowel het opbrengen als het uitharden van de hars verdampt er vrijwel geen styreen naar de omgevingslucht. Voor deze technieken zijn hogere investeringen noodzakelijk dan voor de open mal technieken. Deze techniek leent zich bijvoorbeeld voor de productie van machine kappen en spoilers voor auto's. Bij het vacuümfoliesysteem wordt één malhelft gevormd door een rekbare folie.
Koud persen is het proces waarbij tweezijdig gladde vormstukken onder lage druk en temperatuur in een niet of nauwelijks verwarmde matrijs worden geperst.
Het warmpersen (matrijstemperatuur 100 –160 0C) onder hoge druk (40 – 100 bar) waarbij gebruik wordt gemaakt van glasvezelmatten met lange vezels (enkele centimeters) gedrenkt in een thermohardende hars, wordt sheet molding compound (SMC) genoemd.
Het proces waarbij gebruik wordt gemaakt van een deegachtige thermohardende kunststof gemengd met glasvezels, vulmiddel en bindmiddel, wordt bulk molding compound (BMC) genoemd. Bij BMC is de lengte van de glasvezels korter dan bij SMC. De hoge investeringen voor SMC en BMC maken deze technieken uitsluitend geschikt voor de productie van grote series producten, zoals auto-onderdelen en elektro-schakelkasten. Andere gesloten maltechnieken zijn pultrusie en het SRIM-proces (structural reaction injection molding).