Polyester-/Expoxyharsen
Polyesterproducten worden gemaakt in of op een mal of op een ondergrond die deel uitmaakt van het product. Na ontvetten met een organisch oplosmiddel (dichloormethaan, aceton) wordt de mal voor ieder gelijkvormig product opnieuw gebruikt. Op de mal wordt een lossingslaag (meestal van was) aangebracht, waardoor het uitgeharde product makkelijker uit de mal losgaat. Diverse soorten polyesterharsen worden gebruikt, zoals onverzadigde-, verzadigde harsen en gel- en topcoats.
Voor het uitharden van polyesterharsen worden een aantal stoffen toegevoegd:
- Katalysatoren (voornamelijk peroxiden) die het hardingsproces op gang brengen;
- Versnellers (bijv. oplossingen van cobaltoctoaat of dimethylaniline) die het hardingsproces
versnellen en bij kamertemperatuur mogelijk maken;
- Inhibitoren (voorbeelden: tertiair- butyl catechol en hydrochinon) die de uithardingsreactie
remmen om een langere verwerkingstijd te krijgen.
Voor de uitharding van epoxyharsen worden eerst de epoxyhars met de epoxyharder gemengd. Er is een breed scala van epoxyharders beschikbaar. Voorbeelden zijn aromatische polyamides, anhydrides en dicyandiamide. Bovendien kunnen reactieve verdunners worden toegevoegd, die de viscositeit van het systeem verlagen. Aan beide thermoharder systemen kunnen nog andere stoffen worden toegevoegd zoals vulstoffen, pigmenten voor de kleur, UV-absorbers en brandvertragende middelen.
Polyester- en epoxyharsen worden vaak gebruikt voor het vervaardigen van glasvezelversterkte kunststoffen. De hars wordt in verschillende lagen opgebracht in combinatie met de vezels. Tijdens het opbrengen, uitrollen en uitharden kan styreen uit de hars verdampen, afhankelijk van het verwerkingsproces. Van de organische oplosmiddelen (aceton, methyleenchloride of dichloormethaan), die gebruikt worden om mallen en gereedschap schoon te maken, verdampt tenminste 75%. Bij onderzoek naar kentallen voor afvalpreventie bij zes polyesterverwerkende bedrijven in de provincie Noord-Brabant is gebleken dat de hoeveelheid afval wel 30 – 40% van de hoeveelheid grondstof kan bedragen.